
Gemeente Nijmegen start begin mei met de preventieve bestrijding van de eikenprocessierups. Het gaat om een biologische bestrijdingsmethode, die effectief is gebleken.
De bestrijding vindt plaats met een nevelspuit en door de verneveling verdwijnt 90% van de rupsen. De laatste 10% wordt weggezogen. Het voordeel van deze methode is dat de rupsjes dood zijn voordat ze brandharen hebben. En juist deze brandharen kunnen irritatie bij mensen veroorzaken. Deze aanpak voert de gemeente al een aantal jaren uit, het is een effectieve bestrijdingsmethode.
In maanden maart en april is gezocht naar ei legsels en deze plekken zijn gemarkeerd. Gedurende de maand april houden we de legsels in de gaten. Als de rupsen zijn uitgekomen wachten we tot het blad groeit, de weersomstandigheden geschikt zijn en dan wordt het sein gegeven tot bestrijding. Vooraf is dus lastig aan te geven waar en wanneer we precies gaan bestrijden.
De bestrijding vindt plaats met een nevelspuit waarbij het biologisch afbreekbare bestrijdingsmiddel wordt aangebracht op het blad. Door de elektrostatische werking krijgt de spuitvloeistof een kleine negatieve lading mee zodat het hecht aan de positieve bladmassa. De methode is te vergelijken met een luchtballon die tegen kleding wrijft en blijft plakken. Het is een biologisch middel dat niet schadelijk is voor mens en milieu. Het middel tast de natuurlijke vijanden van de rups, zoals sluipwespen en -vliegen, bijen en mijten, niet aan.
Als het preventiefspuiten is afgerond (omstreeks juni) worden, zo lang de overlast van de eikenprocessierups nog duurt, de overgebleven rupsennesten verwijderd door middel van wegzuigen op basis van meldingen. Dit kan ook nog in augustus, september als ze dan nog gevonden worden.
Bron : Gemeente Nijmegen